Vanochtend vroeg ging ik op pad, een rondje hardlopen in de stille wereld. Ik zag de bus naar Leiden voorbij komen – leeg. En toen moest ik ineens aan haar denken.

Vaste plek

Sinds we in Wassenaar wonen, neem ik met enige regelmaat de bus van 6.42 naar Den Haag. Eerst richting Amersfoort, inmiddels om naar Utrecht te gaan. Je gaat de mensen in de bus herkennen als je er regelmatig in zit. Dat duurt even hoor, maar de buuvjes die herkende ik vrij snel. Ze zitten altijd op hun vaste plekken, helemaal voor in de bus. Verspreid over de twee voorste rijen. Waarom ze niet naast elkaar zaten heb ik me vaak afgevraagd. Want ook al is het heel vroeg, zij kletsen en ze lachen wat af. Heel hard. En ook wel heel aanstekelijk.

Complot

Ik zit vaak dicht achter ze, een of twee rijen verder de bus in. En doordat ze zo hard praten, moet je op die plek wel meeluisteren, of je nu wil of niet. En ja – ik kies dus vaak bewust voor die rij dichtbij. Ik hoorde verhalen over de kinderen van buuvje A, het werk van beide buuvjes, de liefdesperikelen van buuvje B, de boodschappen. Buuvje B gelooft in complotten bleek tijdens een van de ritten. Van onze overheid, maar ze heeft het ook regelmatig over internationale complotten gehad. En ze bespreken natuurlijk ook de andere vaste buspassagiers. Waaronder Nel.

Nel

Nel stapt in bij een halte in een van de mooie Wassenaarse villawijken, een beetje aan de rand van het dorp. Vanaf een halte of twee voor ze instapt, beginnen de buuvjes over haar te praten. Zou ze er staan vandaag? Wat zou ze aan hebben? Zou ze een praatje aanknopen? Een beetje vreemd vonden ze Nel wel, daar maakten ze geen geheim van. Nel viel op een dag een soort van uit de bus. Het busstation in Den Haag werd namelijk verbouwd en de stoep was wat verder weg dan ze dacht. De buuvjes lachten haar nog net niet uit, maar de dagen erna moesten ze er voor Nel instapte nog wel even lacherig met elkaar over praten.

Een mysterieuze man

De buuvjes maakten er een sport van geen plek voor Nel te maken. Tenzij de bus helemaal vol was natuurlijk. Ze bleven naast elkaar zitten – met het gangpad er tussen dus. Meestal giechelden ze als Nel verderop in de bus ging zitten. Vaak naast mij overigens. Af en toe werd er wel naar Nel geroepen. Die dat lang niet altijd hoorde, ik denk zelf omdat ze een beetje doof is. Bij het stoplicht voor Den Haag CS checkt het ene buuvje altijd voor hen beiden uit. En eenmaal op het busperron aangekomen staat altijd dezelfde man op de buuvjes te wachten. Een collega is het niet – dat weet ik inmiddels. Maar wie die mystery man wel is? En of hij voor buuvje A of B komt? Het blijft een raadsel.

Een nieuwe routine

Ineens, althans zo leek het voor mij, was er een nieuwe routine. Waarschijnlijk gebeurde het tijdens een van mijn vakanties, dus waarom het veranderde: ik tast in het duister. De buuvjes zaten niet meer verspreid over de voorste twee rijen, nee ze zaten naast elkaar op een bank. En als Nel instapte, kon ze dus op de vrije andere rij gaan zitten. Voortaan mag zij de OV-chipkaarten uitchecken. En voert ze regelmatig het hoogste woord – over haar moeder met wie ze samenwoont, die nooit iets kookt dat ze niet lekker vindt. Behalve spruitjes dan. De buuvjes vragen, Nel antwoordt. En ik luistervink gezellig mee.

Vakantie

Een tijdje terug vertelde Nel over haar vakantie. Vier weken naar Zuid-Afrika, rondreizen en ook een weekje luxe en niets doen. Met haar moeder. Nu denk ik dat Nel tegen de 50 loopt. Haar moeder zal dus een jaar of 70 zijn – denk ik tenminste. Want tja ik luister dan wel mee – ik meng me nooit in het gesprek. Ik zag het zo voor me – twee keurige dames uit Wassenaar, op safari in een luxe hut, de big five spotten. Er kwamen veel ohs en ahs van de buuvjes. Vooral toen ze hoorden dat Nel al vaker in Afrika was geweest. De buuvjes kwamen niet zo ver – de een ging wel naar Frankrijk en de ander ging liever niet zo ver van huis. Ook niet vanwege de complotten.

Lege bus

Vanochtend zag ik een lege bus langsrijden. Ineens dacht ik aan Nel. Zou ze al terug zijn uit Zuid-Afrika? Of zit ze daar misschien vast, samen met haar moeder? Voorlopig zal ik het niet weten. Zelfs niet al ga ik posten bij haar bushalte – de kans is groot dat ook zij thuis werkt.