Aflevering 41, 15 december 2023

Madame Bonheur feuilleton aflevering 41

Met een zucht slaat Claire het manuscript van haar moeder dicht. Ook zij is overleden zonder het volledige verhaal te kennen! Waarom zou Gérard nooit meer naar Les Aristocrats zijn gekomen? Zelfs als hij niet meer van Elisabeth hield moet hij toch nieuwsgierig zijn geweest? Zou Dorothee hem de brief nooit hebben gegeven? Verstrooid pakt Claire haar glas op, om dan te merken dat het leeg is.

‘Hé mooie dame, ik zie dat ik net op tijd ben!’ Nicolas komt lachend op haar af, met een dienblad met glazen, een karaf water en een fles die verdacht veel lijkt op een champagnefles. ‘Geen champagne, maar ze maken hier een heerlijke mousserende wijn. Die wil je vast proeven en misschien kunnen we proosten?’ Hij kijkt haar verwachtingsvol aan.

‘Proosten op de goede afloop?’

‘Ja, tenminste als ik het goed zie, ben je aan het einde van het manuscript?’

Claire knikt. Ze pakt haar telefoon  en zoekt het nummer van Madeleine op. Ze kan dit niet eerst aan Nicolas vertellen, hoe leuk ze hem ook vindt. Haar vriendin moet dit schokkende nieuws ook weten. ‘Vind je het goed als ik Madeleine bel, dat ik jullie samen vertel wat ik heb ontdekt?’

Nicolas schenkt de glazen vol terwijl Claire gespannen afwacht of ze contact krijgt met Madeleine. Net als ze verwacht de voicemail te krijgen, hoort ze Madeleine en een heleboel geluid op de achtergrond.

‘Is het dringend? Het is hartstikke druk hier en we hebben…’

‘Ik denk dat je dit wel meteen wil horen ja.’

‘Ok wacht even.’

Weer klinkt er een hoop geluid en gestommel. Claire zet haar vriendin op de speaker en ziet Nicolas geamuseerd kijken bij alles wat ze Madeleine ondertussen tegen het personeel horen zeggen.

‘Ik ben er. Wat kon er niet wachten?’

‘Sorry, maar het is best heftig. En ik zit hier met Nicolas in de wijngaard en…’

‘O toe maar, je bent ten huwelijk gevraagd en nu wil je mij als bruidsmeisje?’

Nicolas en Claire barsten allebei in lachen uit. Als ze een beetje tot zichzelf is gekomen, hervat Claire haar verhaal.

‘Nee sorry, het is iets minder leuk dan dat. Of nou eigenlijk, ik weet niet goed hoe ik het moet duiden. Maar het dode kindje van Elisabeth is niet dood. Dat bleek een leugen van zuster Agnetha.’

‘Dus toch! Elisabeth dacht toch dat ze een kindje hoorde huilen?’

Claire knikt driftig met haar hoofd. ‘Ja en ze had dus gelijk. Weet je nog dat ik je vertelde over die zuster, Charlotte? Zij vertrouwde het niet en is op onderzoek uitgegaan. Ze is erachter gekomen dat Agnetha dit vaker deed. Aan de moeder vertellen dat het kindje doodgeboren was en het vervolgens wel opgeven voor adoptie.’

‘Maar waarom dan eigenlijk? Elisabeth wilde haar kindje toch al afstaan?’ Nicolas kijkt haar vragend aan en ook Madeleine laat weten dit niet te begrijpen.

‘Klopt, maar ze twijfelde natuurlijk wel. Dat heeft Agnetha vast aangevoeld. Maar Agnetha had nog een goede reden, op deze manier kon ze het kindje zonder problemen aan Dorothee geven. Die vervolgens deed alsof zij zwanger was geweest en het kindje heeft opgevoed als haar eigen kind.’

‘En dat kind, dat is Etienne?’ Nicolas vraagt het in alle rust.

‘Ja. Dorothee heeft dus glashard gelogen toen Elisabeth terugging naar Saint-Émilion.’

Claire vertelt hoe Elisabeth achter de waarheid is gekomen, over de brief aan Gérard en haar eerste keer in Les Aristocrats. ‘Daar eindigt ook het manuscript van mijn moeder. Ook zij heeft nooit contact gehad met Gérard, Elisabeth had dat als voorwaarde gesteld. Mijn moeder mocht alles lezen en haar alles vragen, maar ze mocht geen contact opnemen met iemand hier.’

‘Maar jij hebt dat nooit beloofd.’ Nicolas kijkt haar ondeugend aan. ‘En met die informatie over die speciale wijn, La Cigogne en de prijzen daarvoor weet ik het nu zeker. We hebben Gérard gevonden.’

‘Kunnen we er nu niet heen?’ Claire wil niet tot morgen wachten. ‘We zijn zo dichtbij nu!’

‘We kunnen er langs rijden. Wie weet. Het is hun rustdag, maar nee hebben we.’

‘Zorg maar voor een ja jongens. Ik ga proberen om me te concentreren op mijn werk, maar dat gaat niet meevallen. Bel me als jullie wat weten. Ook al is het midden in de nacht.’ Zonder verder gedag te zeggen hangt Madeleine op.

Claire verzamelt alle papieren en kijkt Nicolas aan.

‘We gaan, die fles nemen we gewoon mee, dat regel ik wel. Maar verheug je niet te veel, de kans is echt heel klein dat we daar vandaag iemand vinden.’

Helaas krijgt Nicolas gelijk. De poort naar de wijngaard is dicht en gaat ook na drie keer aanbellen niet open. Teleurgesteld besluiten ze terug te rijden naar Bordeaux.

‘Kan ik je nog verleiden om ergens met mij te gaan eten vanavond?’

Claires eerste reactie is om nee te zeggen, om vroeg naar bed te gaan zodat het eerder morgen is. Dan kijkt ze Nicolas in zijn prachtige, bruine ogen. Zou de avond niet veel sneller voorbij gaan als ze met hem ergens gaat eten? Gezelliger is het sowieso. Dan denkt ze aan de woorden van Madeleine, over het aanzoek. Ze lacht. Een aanzoek zou wel heel snel zijn, maar ze kan niet ontkennen dat ze Nicolas erg leuk is gaan vinden de afgelopen dagen.

‘Wie zwijgt stemt toe’ onderbreekt Nicolas haar gedachten, met een enigszins nerveus lachje.

‘Ja, graag. Sorry, ik was even afgeleid.’

‘Ik voelde me al bijna afgewezen.’ Hij klinkt alweer als zichzelf, een beetje plagerig misschien. ‘Ik weet nog een leuk visrestaurant, vlakbij jouw hotel. Niet heel chique, maar ze hebben er de lekkerste bouillabaisse van Bordeaux.’

Terwijl Nicolas blijft vertellen over de wijngaarden waar ze doorheen rijden, dwalen Claires gedachten af. Hoe mooi zou het zijn als zij het verhaal van haar moeder af zou kunnen maken? Maar wat nou als Etienne niet weet dat Dorothee zijn moeder niet is? Zij is de enige die nog in leven is, de enige die de missende puzzelstukjes heeft.

De volgende ochtend is Claire ver voordat haar wekker gaat wakker. Ze heeft hetzelfde gevoel dat ze vroeger als kind had op de ochtend van haar verjaardag. Een gevoel van fijne spanning, van je weet nog niet wat er gaat komen maar ook van zou het wel zijn wat je ervan had verwacht. Ze doet haar lamp aan en schrikt als ze vanaf de bank een krakend ‘bonjour’ hoort. Nicolas! Ze was het even vergeten, maar hij is gisteravond op de bank gekropen, aangezien ze teveel wijntjes hadden gedronken om hem nog naar huis te laten gaan. Spontaan had ze hem de bank in de hotelkamer aanboden, die ruim genoeg was om op te liggen.

‘Hoe heb je geslapen?’ Ze hoopt dat de bank ook voor een hele nacht een beetje comfortabel lag. Nadat ze hem die had aangeboden, deed hij geen poging om alsnog bij haar in bed te belanden. Misschien maar goed ook. Want samen in bed, dat wilde Claire eigenlijk niet. Of eigenlijk wilde ze het te graag en was ze bang voor een afwijzing. Buiten wat geflirt had Nicolas ook gisteravond niet geprobeerd of er meer in zat.

‘Buiten mijn ego is er niets gekrenkt. Ik heb nog niet vaak op de bank geslapen bij een mooie vrouw,’ grinnikt hij.

‘Had je liever naast me geslapen dan?’

‘Wat denk je zelf? Een mooie vrouw, met een spannende speurtocht waar ze me in meesleept. Ik ben al lang verkocht. Maar dat heb je vast gemerkt.’

Claire is even stil. Dan lacht ze. ‘Nou nee eigenlijk niet. Ik dacht dat je gewoon nieuwsgierig was naar de afloop. En eh…’

‘En wat? Nu wil ik het weten ook.’ Nicolas is inmiddels opgestaan van de bank en loopt naar het bed.

‘Nou ik dacht je bent gewoon aardig, zoals veel Franse mannen.’ Ze bekijkt hem eens goed. Nu hij in niet meer dan een shirt en boxer voor haar staat, met zijn haren door de war en zijn ogen nog klein van het slapen, vindt ze hem nog aantrekkelijker.

Nicolas stapt naast haar in bed en kijkt haar aan. ‘Denk je dat ik voor iedereen extra rondleidingen regel? Of dat ik iedere dame meeneem naar mijn favoriete restaurants?’

Claire giechelt. Tot nu toe brengt deze dag meer dan ze had verwacht. Ze draait zich naar Nicolas toe en kust hem. Eerst voorzichtig, maar al snel laat Claire zich gaan en vergeet ze dat ze een paar minuten daarvoor nog dacht dat Nicolas haar alleen maar aardig vond.

Niet veel later gaat haar wekker en dan laat Nicolas haar los. ‘Ik zou hier dolgraag mee doorgaan, maar er wacht iemand op ons.’ Hij kijkt haar aan met een blik vol verlangen. ‘De volgende keer slaap ik niet op de bank, dat snap je wel.’

Claire stapt uit bed, met een buik vol vlinders. ‘De volgende keer bied ik je de bank niet meer aan. En nu ga ik snel douchen, er wacht een ontknoping op ons. Tenminste, dat hoop ik.’

Als ze opnieuw bij de wijngaard aankomen, ziet Claire tot haar opluchting dat het hek openstaat. ‘Weet je eigenlijk zeker dat Etienne ons de rondleiding gaat geven?’

‘Ik heb hem al gesproken en hij heeft gezegd dat hij er zou zijn.’

Claire voelt zich ineens zenuwachtig. Wat kan ze wel en niet tegen hem zeggen? Hoe komt ze erachter of Dorothee nog leeft? Ze pakt de hand van Nicolas vast, alsof ze zich ergens aan vast wil houden.

Verbaasd kijkt hij haar aan. ‘Niet dat ik wil klagen over je spontante aanhankelijkheid, maar dat is wel heel stevig.’

Meteen laat ze zijn hand weer los, maar hij pakt die opnieuw vast. ‘Als je het ingewikkeld vindt, kun je ook net doen of je Frans niet goed genoeg is. Dan doe ik het woord wel.’

Claire lacht. ‘Lief, maar nee. Al die ondernemende vrouwen waar ik over heb gelezen, ik kom er wel uit. Misschien met wat gestotter en gebloos, maar dan hoop ik maar dat je dat charmant vindt.’

Ondertussen is de deur van het woonhuis open gegaan en zwaait er een man naar hen.

‘Kom we gaan, voor hij denkt dat we hier een ruzie staan uit te vechten.’

Als ze dichterbij komen, stokt heel even Claires adem. Die blauwe ogen. Alsof ze in de ogen van Elisabeth kijkt. Opnieuw knijpt ze in Nicolas hand, die maar een woord zegt: Etienne. Claire knikt.

‘Bonjour, welkom op onze wijngaard. Ik hoop dat jullie geen moeite hadden die te vinden?’

Nicolas kan zijn lach niet bedwingen. ‘Om eerlijk te zijn, we waren al een tijd naar uw wijngaard op zoek. Ziet u, mijn vriendin Claire komt uit Den Haag. De stad van de ooievaars. Ze las iets over uw beroemde wijn, La Cigogne, en u begrijpt: die moest ze proeven!’

‘Ah La Cigogne, ja dat is een bijzonder verhaal. Het is de wijn die mijn oom maakte, de eerste lijn in onze bijzondere vaten. Ik hoop maar dat ik de afgelopen decennia genoeg van hem geleerd heb. Ziet u, hij is dit jaar overleden.’

‘Het spijt me dat te horen.’

‘Hij was 89, het was niet geheel onverwacht. Gelukkig heeft hij geen lang ziekbed gehad, dat zou niet bij Gérard hebben gepast. Maar kom, voor ik u vermoei met familieverhalen, laten we beginnen aan de rondleiding. Die geef ik niet, dat doet mijn lieftallige assistente. In de tussentijd zal ik vast een fles openen, zodat de wijn kan ademen. Dan zie ik u later in de proefruimte.’ En weg is hij, Claire en Niolas achterlatend met een kleine, blonde dame die zich voorstelt als Angelique.

‘Ook familie?’

‘Nee, geen familie. Monsieur Etienne is nooit getrouwd. Hij is de enige zoon van een van de vorige eigenaars, Julien. Zijn vrouw, Dorothee, is de enige van die generatie die nog leeft. Kom, we gaan eerst naar de wijnstokken. Dat is waar alles toch begint. Dan vertel ik u later nog wat meer over de familie.’

Angelique blijkt veel kennis te hebben, niet alleen van de wijngaard maar over de hele streek. Normaal gesproken zou Claire talloze vragen stellen, maar nu is er maar één vraag die continue die haar hoofd spookt: heeft Dorothee de brief van Elisabeth aan Gérard ooit overhandigd? Uit beleefdheid stelt ze af en toe een vraag, om vervolgens nauwelijks naar het antwoord te luisteren. Nicolas is minder afgeleid, waardoor er toch een gesprek gaande blijft. Na zo’n anderhalf uur staan ze voor een gebouw dat los staat van het grote huis.

‘Hier is onze proefruimte. Vanaf hier neemt Etienne het over. Hopelijk heeft u al een goed beeld gekregen van de wijngaard.’

Claire knikt beleefd, maar staat al met een voet in de proefruimte. In het midden staat een grote ronde tafel, met een prachtige houten bar. Ze hoort de stem van Etienne, ze kan niet wachten om verder met hem in gesprek te gaan.

‘Nee maman, vandaag niet. Morgen ben ik er weer. Dat heb ik je gisteren verteld. Toen was ik er ook, weet u nog? Ik moet nu gaan, er zijn gasten,’ en met een beslist gebaar drukt Etienne het gesprek weg. ‘Excuses, mijn moeder. Ze zit in een verzorgingshuis in Bordeaux en ze is niet meer helemaal bij de tijd. Ze belt regelmatig. Als ze tenminste weet hoe haar telefoon werkt. Maar heeft u genoten van de rondleiding?’

‘Angelique is een geweldige gids. Ik heb er zelf ook nog wat van opgestoken, dat is op veel wijngaarden wel anders.’

‘Ah, dan ben ik extra blij dat ik niet zelf de rondleiding heb gegeven. Angelique kent ook de omgeving, ik daarentegen kijk vaak niet verder dan onze wijngaard. Kom, ga zitten, dan kunnen we beginnen met het leukste onderdeel: het proeven!’

Claire kan nauwelijks geloven hoezeer Etienne op Elisabeth lijkt. Zijn manier van bewegen, zijn gebaren tijdens het praten, maar vooral zijn ogen – alles doet haar aan Elisabeth denken.

‘Je staart’ sist Nicolas haar toe als Etienne even wegloopt voor een extra glas.

‘Sorry, maar het is echt onvoorstelbaar hoe hij op zijn moeder lijkt. Op Elisabeth dus, niet op Dorothee.’

‘Probeer iets minder te staren en iets meer te praten. Anders denkt hij nog dat je hem leuker vindt dan mij.’

De luchtige reacties van Nicolas zijn precies wat Claire nu nodig heeft. Ze ontspant en als Etienne terug is, complimenteert ze hem met de mooie proefruimte.

‘Idee van mijn oom. Nicolas zal dit kunnen beamen, de meeste wijnboeren in deze streek zijn nog niet zo lang overtuigd van het belang van het toerisme. ‘Onze wijnen verkopen zichzelf wel’ is een veelgehoorde uitspraak. Maar met de opkomst van nieuwe wijnlanden begint dat te veranderen. Mijn oom zag dat al lang geleden in. Hij reisde veel. Naar Australië, maar ook naar Amerika. In Californië zag hij hoe de wijnboeren hun wijnhuizen openstelden voor het toerisme. De huizen vond hij verschrikkelijk, net als de wijn trouwens. Maar de manier waarop ze toeristen deel weten te maken van hun bedrijf, daar had hij grote bewondering voor. Vandaar de wijnbar hier in de proefruimte.’

Etienne heeft intussen de proefglazen gevuld en gebaart dat ze vooral moeten proeven. ‘Deze eerste wijn is een allemansvriend. Niet te sterk, niet te uitgesproken. Heel anders dan La Cigogne, maar dat merken jullie vanzelf.’

Claire laat de wijn walsen in het glas, ruikt en proeft. ‘Als dit jullie allemansvriend is, dan ben ik heel benieuwd naar de andere wijnen. Deze is al erg mooi in balans.’ Nicolas knikt.

Etienne kijkt ze tevreden aan. ‘Mijn oom heeft veel moeite gedaan om de perfecte blend te ontwikkelen. Hij zei altijd dat daar de kracht ligt van de Franse wijnen, dat ze gelaagder zijn dan de Amerikaanse.’

‘Helemaal mee eens’, beamen Claire en Nicolas in koor.

‘Hoe lang zijn jullie al samen op reis? Jullie vullen elkaar al aardig aan.’

Claire bloost. Ze heeft al gemerkt dat Nicolas en zij een vergelijkbare smaak hebben als het op wijn aankomt.

Ze proeven nog wat wijnen, maar dan is het toch eindelijk tijd voor La Cigogne. ‘De wijn waar het allemaal om begonnen is.’

‘Weet u waarom uw oom deze wijn zo genoemd heeft?’ Claire kan haar nieuwsgierigheid niet langer bedwingen.

‘Dat heeft alles te maken met de jeugdliefde van mijn oom Gérard. Ze kwam uit Den Haag en heeft zelfs een tijdje hier op de wijngaard gewoond.’ Etienne aarzelt even. ‘Ze hebben elkaar in Den Haag ontmoet. Daar is de vader van Gérard gesneuveld in de Tweede Wereldoorlog. Hij is daar een paar keer geweest en heeft haar daar leren kennen. Elisabeth heette ze.’

‘Jeugdliefde? Ze moet wel indruk hebben gemaakt, als hij de wijn naar die liefde vernoemd heeft.’ Claire houdt haar adem in als Nicolas zijn vraag stelt.

‘Om eerlijk te zijn, er is nooit echt uitgebreid over gesproken. Toen Gérard bezig was met het ontwikkelen van deze wijn heeft hij me wel eens wat verteld. Hoe ze droomden van samen op reis gaan, maar dat hij alleen moest gaan omdat zij nog te jong was om te trouwen. Toen hij terugkwam was ze weg. Hij is haar nog achterna gereisd, maar tevergeefs.’

‘Hebben ze nooit meer contact gehad?’

Etienne kijkt Claire bevreemd aan. ‘Mag ik vragen waarom u daar zo in geïnteresseerd bent? Ik krijg het gevoel dat het om meer gaat dan alleen de naam van de wijn.’

‘Ik ehm… Ik kende Elisabeth.’ Af en toe struikelend over haar woorden, vertelt Claire in grote lijnen over het leven van Elisabeth in Parijs en haar bezoekjes aan Den Haag. Ze vermijdt de onderwerpen liefde en Etiennes rol in het geheel. Het verhaal rammelt, dat hoort ze zelf ook. Maar ze ziet iets veranderen in Etiennes blik, alsof er iets op zijn plek valt.

‘Wacht hier even, ik ga iets halen. Neem nog wat van de wijn als u wilt.’

Een kwartier later is Etienne terug. Hij aarzelt nog heel even, maar legt dan een verzegelde brief op tafel. Claire kan een kreet niet onderdrukken. Het zal toch niet?

‘Deze vond ik in mijn ooms kantoor na zijn overlijden. Geklemd tussen twee oude ordners. Geen idee hoe de brief daar terecht is gekomen en als ik de boel niet had willen uitmesten, dan had die brief er nog jaren kunnen liggen. Ik heb de brief nog niet geopend, het voelt nog teveel als een inbreuk op zijn privacy. Maar op de achterkant staat haar naam.’

‘Hij heeft het nooit geweten’ verzucht Claire en ze voelt de tranen komen. Waarom was Elisabeth zo eigenwijs geweest, waarom had ze Dorothee vertrouwd?

‘Weet u wat er in deze brief staat?’

‘Mijn moeder heeft een kopie gekregen van die brief. Van Elisabeth. Ze heeft sinds 1978 ieder jaar op jouw oom gewacht, in Den Haag. In het hotel waar ze elkaar voor het eerst hebben gezien, waar hun liefde is ontstaan.’

Etienne is stil. Hij draait de brief om en om. ‘Maar hoe is de brief dan hier terecht gekomen? En waarom heeft oom Gérard deze nooit gelezen?’

Claire kijkt Nicolas aan. Hij pakt haar hand vast. ‘Ze heeft je niet voor niets haar ring gegeven lieve Claire. Ze vertrouwde jou. Ik denk dat je het hem moet vertellen.’

‘Elisabeth heeft de brief aan Dorothee gegeven.’ Claire krijgt het niet over haar lippen om ‘jouw moeder’ te zeggen.

‘Mijn moeder?’

‘Ze heeft gezworen de brief aan jouw … aan Gérard te geven. Maar dat heeft ze blijkbaar niet gedaan. Waarom niet? Ik denk dat ik het weet. Maar ik vind het heel moeilijk om het je te vertellen. Misschien moet je toch eerst de brief lezen, dat maakt het iets makkelijker voor mij.’

Etienne opent voorzichtig de envelop en leest de brief aandachtig door. Ook nu ziet Claire zijn gezichtsuitdrukking veranderen. Hij leest de brief een tweede keer. Dan kijkt hij Claire aan.

‘Was Gérard… Hij was meer dan mijn oom, is dat wat je me wil vertellen?’

Claire knikt.

‘En Elisabeth? Mijn moeder? Want ik kan me niet voorstellen dat mijn moeder een affaire heeft gehad met Gérard.’

‘Elisabeth heeft heel lang gedacht dat je bij je geboorte overleden was. Dat is haar verteld door de zuster in het klooster, zuster Agnetha.’

‘Tante Agnetha?’ Etienne kijkt haar verbijsterd aan. ‘Misschien moet je vooraan beginnen. Me alles vertellen wat je weet.’

Nicolas staat op. ‘Ik laat jullie even alleen. Dan is er iets minder druk. Bel me maar als je wil dat ik terugkom, ik ben niet ver weg.’ Met een kus op haar voorhoofd vertrekt hij.

‘Zullen we naar de binnen gaan? Voor er nieuwsgierige oren meeluisteren?’ Etienne pakt de fles en de glazen en gaat Claire voor naar het woonhuis.

In de uren die volgen vertelt Claire alles wat ze over Elisabeth weet aan Etienne. Af en toe onderbreekt hij haar, maar hij laat haar vooral vertellen. Zijn gezicht verraadt zijn gevoelens. Van vertwijfeld naar verwonderd naar verdrietig. Als Claire vertelt hoe ze samen met Nicolas de regio heeft verkend en uiteindelijk hem heeft gevonden, zucht hij diep.

‘Heb ik er goed aan gedaan je dit allemaal te vertellen?’ Claire kijkt hem vertwijfeld aan. Ze kan zich niet voorstellen hoe hij zich nu moet voelen.

‘Ik ben blij om te weten dat ze altijd van elkaar zijn blijven houden. Want ja, Gérard hield nog van haar. Hij kon soms heel ver weg zijn en als ik hem dan vroeg waar hij was, antwoordde hij steevast ‘Den Haag.’ Ik ben blij dat ik nu begrijp waarom.’

‘Was een van de twee maar iets minder principieel geweest.’ Claire kan niet geloven dat twee mensen die zoveel van elkaar hielden, elkaar nooit meer gezien hebben.

‘Dan had hun liefde het waarschijnlijk niet zo lang overleefd.’

‘Of je had nog een paar broertjes en zusjes gehad’, pareert Claire.

Etienne lacht. ‘Dat was wel fijn geweest, ik heb vaak gedacht waren er maar meer mensen om het werk op de wijngaard te doen.’

‘Wat ga je nu doen?’

‘Dorothee ondervragen. Ik ga morgen naar haar toe en ik neem de brief mee. Als ze gezworen heeft op mijn leven om de brief aan Gérard te geven, dan ben ik benieuwd waarom ze dat alsnog niet heeft gedaan. Zoiets zou ze niet zo maar negeren.’

‘Misschien was ze bang om je kwijt te raken?’

Etienne haalt zijn schouders op. ‘Misschien. Ze heeft het ontzettend moeilijk gehad met het overlijden van mijn vader. Eh, van Julien dus. Dit gaat nog wel even duren, voor ik dit goed ga zeggen.’ Hij is even stil. ‘Wil je mee?’

‘Waarheen?’

‘Naar Dorothee natuurlijk. Ze is oud en soms in de war. Maar ik kan me voorstellen dat je de vrouw waar je zoveel over hebt gelezen in de ogen wil kijken.’

‘Vind je dat niet ongemakkelijk?’

‘Na dit alles? Nee. Maar wat ik wel ongemakkelijk vind is hoe laat het inmiddels is. Je zult wel honger hebben. Ik had je al lang wat aan moeten bieden.’

Gealarmeerd kijkt Claire op haar telefoon. Half zeven! Ze moet Nicolas bellen. Ze heeft het nog niet gedacht of ze ziet zijn busje de binnenplaats op rijden.

‘Weet je zeker dat jullie elkaar pas een paar dagen geleden ontmoet hebben? Hij lijkt je goed te kennen,’ lacht Etienne. ‘Vraag maar of hij wil blijven eten. Angelique kan geweldig koken. En er is vast genoeg.’

Nicolas stemt direct in met het voorstel.

Ze praten tot laat in de avond door. Over Elisabeth en Gérard, maar ook over de toekomst van de wijngaard en de ontwikkelingen in de regio. Als ze om elf uur willen vertrekken, biedt Etienne ze de gastenkamer aan.

‘Graag’ antwoorden ze, opnieuw in koor. Tot grote hilariteit van Etienne.


© Astrid Habraken – alle rechten voorbehouden. Madame Bonheur – een Haagse roman verschijnt in 2023 in eerste versie in feuilletonvorm. Iedere aflevering is gecorrigeerd, schrijf- en tikfouten voorbehouden. In 2024 zal een complete, waar nodig herschreven versie verschijnen in boekvorm. Fysiek, dan wel als e-book.

0 reacties

Geef een reactie

%d